Maar hoe gaat het nou, echt?

Ik wil graag eerlijk zijn. Eerlijk zijn is erg belangrijk voor mij. Daarnaast maakt het dingen veel simpeler. Geen spinnenwebben van leugens. Maar de wereld is niet gemaakt op eerlijk zijn. Iedereen kust elkaars kont om beter te worden of houdt iets stil om dat ze bang zijn voor reacties van anderen. Ik ben er klaar mee. Dus bij deze: eerlijk, hoe het met mij gaat.

Het gaat niet zo goed. Of eigenlijk gaat het helemaal niet goed. Zoals vaste lezers en bekenden zullen weten word ik al vanaf m’n 21e achtervolgt en soms ingehaald door depressies. De ene keer wat erger dan de andere keer. Ik kan zeggen dat ik nu erg diep zit en ik ga hard achteruit. Nog niet rock bottem thank god, maar hoe lang gaat het nog duren? Vroeg mijn man terecht na een gesprek met m’n begeleider. Ik hoop dat die dag nooit komt, maar er moet iets gaan veranderen. En de tijd begint op te raken.

Het zat er al heel lang aan te komen, maar ik denk dat het nieuws dat Corretje misschien of waarschijnlijk dit jaar nog komt te overlijden de druppel was. Hij die er altijd is en is geweest, hij die me nooit heeft proberen te veranderen, hij die me altijd heeft geaccepteerd hoe raar ik ook ben, hij die echt van mij houdt. Toen ik op m’n 21e door een hele fijne psycholoog werd behandeld. Waren we aan het kijken naar manieren hoe ik me weer veiliger/prettiger kan voelen voor op de momenten dat het niet goed met me ging. Ik noemde Cor. Kon en kan het niet goed omschrijven, maar bij hem is het goed, ben ik oke. Het idee dat hij er straks niet meer zal zijn vind ik heel eng. En niemand kan zijn rol overnemen. Ik weet dat dit nog egoïstisch klinkt ook, maar hij wilt zelf ook nog lang niet dood. Hij wilt later met Mason z’n eerste biertje drinken. Het idee dat ze daar nooit de kans voor krijgen, sterker nog m’n jongens zijn te jong om hem überhaupt te kunnen herinneren, doet me ontzettend veel pijn.

We zaten voor dit nieuws helaas al in de fase dat ik alleen nog het minimale deed, weinig kon hebben, snel overprikkeld en extreem veel slapen. Voor mensen die nog nooit écht depressief zijn geweest, ja we hebben allemaal wel eens zo’n dag/weekend of misschien zelfs week gehad. In de “fase” waar ik het net over had, zit ik (en mijn gezin dus ook) al maanden. Misschien dat we zelfs alweer bijna een jaar in totaal onderweg zijn. Het is moeilijk om te zeggen wanneer een depressie echt begint, of in ieder geval bij mij.

In het begin probeer je gewoon alles door te laten lopen. Dat is bij mij altijd al een probleem geweest, dus vandaar ook rommelig begin. Je probeert alle ballen hoog te houden, maar steeds meer ballen vallen op de grond. Je gaat je steeds waardelozer voelen. Want, dit lukt je niet en dat kan je niet. Er zijn steeds meer dingen die niet lukken en het schuldgevoel wordt groter. Ik hoor een goede moeder te zijn. Ik hoor een goede vrouw te zijn. Ik hoor een goede dochter te zijn. Ik hoor een goede vriendin te zijn. En zo zijn er nog genoeg te bedenken. De druk benauwd je. De druk die in mijn geval niet eens wordt gegeven, ik verzin het zelf, het is mijn eigen verwachtingspatroon.

Alles lijkt steeds moeizamer te gaan. Alsof er een olifant op je rug zit die steeds zwaarder wordt. Je besluit bepaalde dingen niet meer te doen, om energie te besparen. Dan maar niet douchen, dan maar geen boodschappen. Mijn laatste depressies heb ik de mazzel dat ik een man heb die er voor zorgt dat ik eet, drink en af en toe ga douchen. Toen ik 21 was, was dit niet het geval. Ik had geen smaak en geen trek meer, dus ik at niet meer. Ik ging niet naar buiten, dus ik hoefde geen normale kleren aan. Niemand rook me, dus ik hoefde niet meer te douchen. Ik sliep verspreid over 24 uur hier wat en daar wat. Tot ik op het punt kwam dat ik niet meer snapte waar ik het voor deed.

Nu heb ik een gezin, daar moet ik voor doorgaan. Maar het is moeilijk. Moeilijk om m’n bed uit te komen, moeilijk om me aan te kleden, m’n tanden te poetsen, haren te kammen en dan nog de kinderen klaar maken en zorgen dat ze soort van op tijd op school zijn. Ik sta daardoor geregeld met m’n haar alle kanten op in pyama met de juf te praten. Herfst 2020 zou ik me daar nog voor schamen. Inmiddels ben ik zo ver dat het me echt geen reet meer kan schelen. Ik ben niet belangrijk, ik ben hier om m’n zoon af te leveren op school.

Er is niets leuk meer. Het is niet dat ik nooit meer lach. Dat lukt gelukkig soms nog wel. Maar dat kan ook door een dom grapje, tussen de tranen door. Het verschil met eerst is dat er gewoon niets echt leuk meer is. De dingen die ik leuk vond, in m’n bujo schrijven, Ladies of Soul, shoppen, het voelt zo leeg. Doelloos. Was het misschien deels ook, maar ik werd er blij van. Nu niet meer. Gelukkig word ik nog wel blij van m’n plantjes en hoop ik heel erg dat ik dit leuk blijf vinden. Al is het moeilijk omdat ik het thuis niet kan delen. Tuurlijk zien ze de plantjes, maar ze willen er niets over horen. Dat is niet helemaal waar trouwens. Van de week zag Mason terwijl hij de trap af liep 3 nieuwe plantjes op een rijtje staan. Hij vroeg of dat een pannenkoek was. Uh nee. Hij vroeg half Nederlands, half Engels wat de naam van de plant dan was. Mijn geweldige zoon. Met wat moeite zei ik dat het een “Kalanchoe Katapifa Tarantula” was. En die daarnaast? Graslelie. En die? Uh Peperomia Rosso. Oke en toen liep hij door.

Mijn geweldige mooie kinderen, onze geweldig mooie kinderen. We zijn een drama gezin, niets kan hier normaal gaan. Maar we hebben vanmiddag nog samen om onze kinderen gelachen. Ze zijn zo leuk. Bijzondere wezens, alles behalve saai. Etters, draken, maar ook zo ongelooflijk schattig. Bijzonder genoeg kunnen ze dat nog tegelijkertijd ook. Ik wil daar van genieten. Ik kan nog wel van ze genieten, maar niet zoals ik zou willen. Ik zou meer energie voor ze willen hebben. Ik zou geduldiger willen zijn. Ik zou meer tegen prikkels willen kunnen, waardoor ik langer ‘sane’ blijf. Ik zou leuke dingen met ze willen doen in plaats van bang zijn voor wat kan gebeuren. Ik zou creatiever willen zijn om leuke dingen met ze te knutselen, maar ik ben te perfectionistisch om ergens aan te beginnen. Nog voor ik begonnen ben is de aandacht van in ieder geval de oudste weg. Ik heb geen rust in m’n flikker om gewoon koekjes met ze te gaan bakken ofzo. Ik baal van mezelf. Ik wilde niet de moeder zijn die ik nu ben.

Ik had een half jaar geleden weer een beetje hoop gekregen vanuit het ontzorghuis. Er ging iemand mee naar DinoWorld. Mocht ik het dan niet trekken, als het te druk wordt, teveel geluid, rare lichten, dat zij er is om Mason over te nemen. Eigenlijk om te zorgen dat ik me niet zoveel zorgen meer hoef te maken. Wat voelde dat als een verlichting. Eindelijk! De klik was er. Ook top! Tot Mason in het springkasteel wilde…, wat aan meerdere springkastelen vast zat, met veel schreeuwende kinderen erin. Ik stond bij de opening, ik wilde er niet in. Grote kinderen klommen en sprongen links en rechts. Ik wilde het liefst zo snel mogelijk wegrennen. Wat ik dus niet kan doen aangezien ik met Mason ben. Mason wilde erin en het lukte me niet meer om hem vast te houden, maar wist ook dat ik hem in de gaten moest houden voor als hij overprikkeld zou raken. Ik draaide me om naar de ‘ontzorger’, maar die was op haar telefoon bezig. Hierdoor zag ze me niet zwaaien en dringend oogcontact zoeken. Door het lawaai hoorde ze me ook niet. Ik durfde niet weg te lopen en begon steeds meer te zweten. Toen ze me zag maakte ik een nek-snij beweging in de hoop dat ze zou begrijpen dat ik aan het doodgaan was hier. Ze nam het gelukkig toen over en ik kon afkoelen. Ik had toen al moeten weten dat het em niet ging worden. Het vertrouwen is weg. Uiteraard zei ik dit thuis wel meteen, maar besloot het verder te negeren. Het is geen strafkamp. Nee, maar op dat moment was het erg belangrijk dat ze zou opletten. Dus nee, jij krijgt m’n kind niet mee. Straks kijk je een halve seconde op je telefoon en ligt hij onder een auto. Daar ging het stukje ‘verlichting’.

Roy is ook moe. En ik kan het hem niet kwalijk nemen. Hij werkt ploegendienst, wat echt een enorme aanslag op je lijf is. Hij doet dit al 15 jaar. Eerst kon hij de rust nemen om te herstellen tussen de diensten door. Toen Mason geboren werd gaf ik Roy zoveel mogelijk ruimte om alsnog het beste ritme voor z’n slapen/wakker zijn aan te houden. Daarnaast houden Mason en ik ook van slapen, dus sliepen we ook geregeld mee. Toen Dustin geboren werd was dit niet meer mogelijk. Dustin was een huilbaby en dat zoog echt alle energie uit je. Hij is nu bijna 3 en slaapt nog niet door. We moesten wel om en om Dusty nemen, anders was het voor niemand te doen. M’n moeder kreeg kanker. We kregen bevestigd dat Mason naast een algehele ontwikkelingsachterstand ook autisme heeft. En Roy moest gewoon naar zijn werk. We hadden tijd nodig om de informatie te verwerken, maar er was geen tijd, we moesten gewoon doorgaan. Omdat ik steeds minder aankon moest Roy steeds meer overnemen. Zo is hij bijvoorbeeld verantwoordelijk voor de was en de boodschappen. Niet veel mannen zullen dat doen, zeker als de vrouw een huisvrouw is of hoort te zijn in mijn geval. Maar het is niet anders en we hebben toch schone kleren en eten nodig. Dus ja hij is ook moe, ook op. Maar hij is gelukkig niet depressief.

Het gevoel dat we geleefd worden delen we. Geen tijd voor jezelf. Alleen maar inleveren, inleveren, inleveren. Maar ik zit helaas op een punt waarin ik er gewoon niet meer wil zijn. Het is niet dat ik dood wil, want ik vind de dood eigenlijk iets engs. Maar gewoon op magische wijze ineens poef weg. Het liefst dat ik meteen uit het geheugen gewist wordt bij alle mensen die me kennen, zodat er niemand alsnog pijn of last van me kan hebben. Maar zo werkt het niet.

Ik snap dat mensen nu zullen denken. Hoe kan je zoiets zeggen? Je hebt kinderen, wil je dan dat je kinderen zonder moeder opgroeien? Nee juist niet, ik wil dat ze alles krijgen. Ik ben nu een last. Ik wil niet dat ze later zo over me denken. Ik wil dat ze trots op me zijn, dat ze me een sterke vrouw vinden, die er altijd voor ze zal zijn. Daarom lijkt het ons beter als ik opgenomen wordt. En dat is echt super klote.

De gedachten om zonder mijn kinderen te zijn. Het maakt me gek. Hoe graag ik ook op vakantie wilde, ik wilde niet zonder mijn kind(eren) op vakantie. En nu ga ik niet eens op vakantie, maar ben wel zonder m’n kinderen. Dat wordt echt hel. Maar ik weet ook niet meer hoe ik nog ‘normaal’ kan worden. En ik wil er zijn voor mijn gezin, ik wil er zijn voor mijn familie zeker met wat nu allemaal speelt met Bertje en Cor, ik wil er zijn voor mijn vriendinnen die ook gewoon af en toe even willen praten of klagen over het leven. Maar het gaat niet meer. Ik ben gebroken. Ik lijk koud en hard, voel me ook vaak leeg of verdoofd, maar ik ben niet emotieloos. Ik voel veelte veel. Ik hoor veelte veel. Ik zie veelte veel. Ik moet gereset worden.

We zijn aan het kijken naar de opties. Misschien gaat het allemaal nog heel lang duren voor dat mogelijk is (wachtlijsten he). In de tussentijd heb ik gelukkig een begeleider (die thuis komt) met wie ik goed kan praten en volledig mezelf ben, zo krijg ik toch nog dingen gedaan die geregeld moeten worden. Ik ga wekelijks voor een uur naar de fysio, met wie ik inmiddels toch ook een soort band heb gekregen. Ik huil daar voornamelijk en zij probeert de wekelijkse schade in m’n rug te herstellen. Het liefst zou ik dat ook af willen zeggen, zodat ik me de woensdagochtend niet hoef te haasten, douchen, veel onderweg, geen tijd voor mezelf. Maar ik doe het niet, omdat ik weet dat ik dat nu nodig heb. De rest staat even on hold. Hoe lullig ook, geen tijd, ruimte, energie voor.

M’n man en ik hebben besloten dat het beter is als ik even alleen weg ga. Hij dacht in eerste instantie dat het mij zou helpen om een nacht of paar nachtjes bij een vriendin te slapen. Hoe graag ik dat ook zou willen zeggen, weet ik dat alleen rust mij helpt. Helemaal stil, helemaal donker, helemaal alleen. Ik ga een midweek, van maandag tot en met vrijdag. Zolang ben ik nog nooit zonder m’n kinderen geweest. We gaan zien wat het gaat brengen. Ik weet dat het niets zal veranderen, maar ik hoop wel dat de druk er een beetje af gaat, ik minder snel overprikkeld raak, wat meer mens voel en we voorlopig weer even door kunnen gaan.

3 gedachtes over “Maar hoe gaat het nou, echt?

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.